Met de methode Integraal Boekhouden (IB) leren studenten en ondernemers binnen korte tijd effectief journaliseren. Ze behouden het overzicht over de impact van hun financieel-administratieve handelingen op de balans en resultatenrekening. Het centrale schema van IB is breed toepasbaar in alle (deel)gebieden van het financiële beroep.
De student verwerft snel bruikbare kennis en vaardigheden die direct kunnen worden toegepast. IB is door Sergio van Tiel ontwikkeld en wordt sinds 2011 succesvol toegepast met opvallend hoge slagingspercentages voor zowel Basiskennis Boekhouden als het Praktijkdiploma Boekhouden, evenals bij boekhoudexamens in het mbo. De methode bevat geen elementen die later moeten worden afgeleerd, in tegenstelling tot traditionele methoden, maar start direct met de essentie: de gelijktijdige introductie van balans en resultatenrekening en hun onderlinge samenhang. Hierbij speelt het volgende schema een centrale rol.

In het uitgebreidere schema verschijnen de balans en resultatenrekening en ook rubrieken, grootboekrekeningen en boekingsregels. Het is dan ook een basis voor alle verdere opleidingen en financiële (deel)gebieden.

IB kent de volgende logische opbouw:
1. Balans en liquiditeitsbalans. Bezittingen (activa) en Schulden (passiva). Eigen vermogen wordt hierbij beschouwd als schuld aan de eigenaar c.q. eigenaren.
2. De resultatenrekening. Kosten en Opbrengsten.
3. De resultatenrekening wordt geplaatst onder de balans, waardoor vier kwadranten ontstaan: links bezittingen en kosten, rechts schulden en opbrengsten.
4. De samenhang tussen balans en resultatenrekening bestaat uit het feit dat tussen het resultaat in de resultatenrekening en het resultaat (boekjaar) in het eigen vermogen een fiets getekend kan worden waarvan de trappers zich in de resultatenrekening bevinden. M.a.w. telkens wanneer iets wijzigt in de resultatenrekening, verandert het resultaat boekjaar in de balans ook. Bekijk de samenhang in de vier kwadranten.
5. Aanvulling van het schema met vier kwadranten met grootboekrekeningen en rubrieken.
6. Toepassen van de boekingsregels met behulp van de kwadranten:
| Kwadranten | Toename | Afname |
| Bezittingen en Kosten | Debiteren | Crediteren |
| Schulden en Opbrengsten | Crediteren | Debiteren |
In het volgende document kun je de stappen lezen die in IB noodzakelijk zijn om goede boekingen te maken:
7. De structuur van een boekhoudsysteem. Input via dagboeken.
8. Financiële principes wijzen je de weg naar goede boekingen.
9. Wat zijn tussenrekeningen en waarom zijn deze noodzakelijk voor een volledige, tijdige en juiste administratie?
11. Permanentie pas je ook toe op de opbrengsten.
IB wordt door Sergio van Tiel onder andere ingezet als lesmethode in het Handboek Financiële Administratie van uitgeverij Boom.
